Blog

Kritiek op duurzaam beleggen is van cruciaal belang

Kritiek op duurzaam beleggen is van cruciaal belangBlog · 18-10-2021

De terugkerende discussies over duurzaam beleggen hinderen verduurzaming niet, maar dragen juist bij aan een opstuwende dynamiek tussen ondernemingen, kapitaalverschaffers en de wetgever. Dit schrijft Eumedion-beleidsmedewerker duurzaamheid Ron Gruijters in zijn nieuwe blog.


Met haar kritische rapportage over de duurzaamheidsclaims van beleggingsfondsen heeft de AFM de discussie over duurzaam beleggen verder op scherp gezet. Het vuurtje was recent al stevig aangewakkerd door de ESG-kritische ontboezemingen van het voormalig hoofd duurzaam beleggenvan BlackRock, Tariq Fancy. Terwijl de AFM de sector nog aanmaant kritischer te zijn bij het plakken van duurzaamheidslabels, leest Fancy’s getuigenis in feite als een oproep om maar helemaal met ESG-beleggen te stoppen, omdat alleen overheidsmaatregelen een oplossing kunnen bieden voor de wereldwijde problemen.


De discussie over het nut van duurzaam beleggen loopt inderdaad niet zelden uit op het afschuiven van verantwoordelijkheid. Afhankelijk van het perspectief van de discussiant wordt dan geconcludeerd dat het primaat bij een andere hoofdrolspeler dient te liggen: het bedrijfsleven, de financiers of de overheid. Dat de werkelijkheid complexer is, hebben recentelijk ook Ria Roerink en Kris Douma in het FD betoogd. Daaruit mogen we afleiden dat doeltreffende duurzame financiering een gezamenlijke inspanning vraagt van een maatschappelijk verantwoord ondernemingsbestuur, kritisch doch betrokken aandeelhouderschap, wettelijk instrumentarium en actieve overheidsbemoeienis.


Hoe vanzelfsprekend dit inmiddels ook klinkt, het is juist de gestaag toenemende aandacht voor verduurzaming van ondernemingen en beleggerskapitaal die bijdraagt aan een opstuwende dynamiek tussen ondernemingen, kapitaalverschaffers en de wetgever.


Sinds de financiële crisis voltrekt zich wat je de ‘vermaatschappelijking’ van zowel grote ondernemingen als institutionele beleggers kunt noemen, die deels uit eigen beweging, maar vooral ook onder druk van belanghebbenden tot stand komt. De maatschappelijke tolerantie voor de negatieve effecten van ondernemen en beleggen neemt af. Zowel grote ondernemingen als institutionele beleggers zijn corporate citizens en van hen wordt in toenemende mate verwacht dat zij breder kijken dan het financiële belang op korte termijn en meehelpen de grote maatschappelijke problemen op te lossen. Het maatschappelijk belang manifesteert zich daardoor steeds duidelijker in de taakopdracht van bestuurders en commissarissen. Grote ondernemingen krijgen maatschappelijke doelstellingen opgelegd en moeten steeds meer als poortwachters fungeren voor ethisch en eerlijk zakendoen. Institutionele beleggers spreken ondernemingen aan op hun maatschappelijke verantwoordelijkheid – bij uitstek het terrein waarop Eumedion het voortouw wil nemen. Als er via dialoog en stemmen op aandeelhoudersvergaderingen onvoldoende resultaat wordt bereikt, dan neemt de druk toe om afscheid te nemen van achterblijvende ondernemingen. Langs die weg moeten institutionele beleggers zoveel mogelijk bijdragen aan het realiseren van maatschappelijke doelstellingen en aan het tegengaan van een negatieve impact op de samenleving.


Maar deze vermaatschappelijking verloopt niet zonder wrijving. De mogelijke spanning tussen financiële en maatschappelijke doelstellingen leidt inmiddels tot rechterlijk ingrijpen en onderzoek van toezichthouders, bij zowel ondernemingen als beleggers. Daarmee wordt echter juist de inbedding van de factor duurzaamheid in zowel de reële als de financiële economie onderstreept. De daarbij onvermijdelijke uitwassen en het risico op betekenisloze duurzaamheidspropaganda maken dat duurzaamheid onder een vergrootglas komt te liggen.


Dergelijke zorgen over het mogelijke gebrek aan doeltreffendheid van duurzame financiering hebben recentelijk een stortvloed aan Europese wetgeving in gang gezet. Daardoor zouden de kapitaalmarkten langs de weg van duidelijke definities en meer transparantie effectiever bij moeten kunnen dragen aan het behalen van maatschappelijke doelstellingen. Deze transparantie is weliswaar een noodzakelijke stap, maar wordt direct gevolgd door de vraag of dat voldoende is. Niet iedereen is daarvan overtuigd. Op zijn beurt groeit vervolgens het draagvlak voor verdergaande overheidsbemoeienis bij het beprijzen en reguleren van schadelijke economische activiteiten. Daarmee voltrekt zich voor onze ogen een geleidelijk, maar blijkbaar noodzakelijk maatschappelijk-politiek proces. Een proces waarin alle hoofdrolspelers – ondernemingen, kapitaalverschaffers en overheid - telkens weer een tandje bij kunnen én moeten zetten. Niet ondanks, maar dankzij de vele inspanningen en discussies.


Ron Gruijters

Beleidsmedewerker duurzaamheid bij Eumedion

Eumedion calls on IFRS Foundation to harmonise ESG frameworks

Blog · 04-12-2019

In this blog Martijn Bos, policy advisor at Eumedion, discusses the recent Green paper ‘Towards a global standard setter for non-financial reporting’.


The contrast in the standard setting landscape between financial reporting and non-financial reporting of listed entities could hardly be greater. There are two authoritative standard setters for financial reporting, versus countless frameworks for non-financial reporting – and none of them is authoritative across regions. This poses a major challenge for companies that want to report non-financial information. It also raises challenges for investors that want to understand how a company creates long term value and whether it lives up to the valid needs of society where non-financial performance matters.


On 30 October, we at Eumedion issued a Green paper, ‘Towards a global standard setter for non-financial reporting’, covering our preliminary views on this matter, most notably the need for a global standard setter for non-financial reporting. We suggest that it should be the IFRS Foundation that establishes such an organisation. We also assert that this should be recognised as a separate Board that sits alongside the IASB for financial reporting. The IFRS Foundation’s strong reputation for independence and a robust and proven governance structure will provide the necessary credibility to such a non-financial reporting standards board.


Our Green paper was warmly received by the speakers at a recent Eumedion symposium, which included the IASB’s Chair, Hans Hoogervorst. He noted: “The alphabet soup of organisations and standards that deal with sustainability reporting drives many people into despair. It is difficult for companies and investors to understand the multitude of organisations and standards. I therefore fully subscribe to Eumedion’s call for consolidation.”


Strong support and feedback from stakeholders is now needed to persuade the IFRS Foundation to broaden its mission and scope and to embrace the calls for non-financial reporting. We therefore urge all stakeholders to provide their feedback on this important matter.


In terms of next steps, the feedback on our Green paper will complement the insights shared with us at our recent annual conference. We aim to issue a revised position paper in April 2020. Feedback can be addressed to Martijn Bos at martijn.bos@eumedion.nl by 1 February 2020. 

Verplichte continuïteitsparagraaf is juist een verrijking van het bestuursverslag

Blog · 24-12-2018

Accountantsorganisatie NBA wil dat er voor ondernemingen een plicht komt om in het bestuursverslag een aparte paragraaf op te nemen over de overlevingskansen (FD, 12 december). Eumedion, de belangenorganisatie voor institutionele beleggers, steunt dit voorstel van ganser harte.


In zo’n paragraaf legt het bestuur uit welke risico’s de continuïteit bedreigen en ook hoe toekomstbestendig het verdienmodel op de langere termijn is. Beleggers krijgen hierdoor meer inzicht in de risico’s die de continuïteit kunnen bedreigen. Hoogleraar Hans Strikwerda voorziet echter een ‘schijnvertoning’ (FD, 13 december). Wij zijn het hier niet mee eens.


Het is toch niet teveel van het bestuur gevraagd deze twee onderwerpen ten minste één keer per jaar goed te laten doorgronden? Lange termijn waardecreatie vereist dat de onderneming ook op korte termijn blijft overleven. Intern onderbouwt het bestuur dan de mogelijke risico’s. Dit doet het bestuur voor zichzelf, maar ook voor de accountant die moet worden overtuigd van de solide basis en het getrouwe beeld dat hierover in het bestuursverslag wordt geschetst. Aan de controle van toekomstgerichte risicoanalyses door beleggers zal vanzelfsprekend minder zekerheid worden ontleend dan aan de controle van historische financiële verslaggeving.


Waar het bestuur faalt om de accountant te overtuigen, rest de accountant het effectieve podium van de accountantsverklaring. Hierin kan de accountant de vinger leggen op geconstateerde materiële tekortkomingen en risico’s, die de extra aandacht van beleggers verdienen. Ook als er nog geen vuiltjes aan de lucht zijn. Zodat er een gerechtvaardigd vertrouwen bij beleggers en crediteuren kan ontstaan.


Martijn Bos is beleidsmedewerker verslaggeving en audit bij Eumedion 

Dit artikel is ook gepubliceerd in Het Financieele Dagblad van 24 december 2018